Focus

Iron Maiden-drummer Nicko McBrain is een fervente fan van de Jaguar XJ. Zo fervent zelfs dat hij al twee klassieke uitvoeringen van het model in zijn garage had staan. Onlangs liet hij een derde, op maat ontworpen en gefabriceerd exemplaar afleveren door de Britse autobouwer. Koosnaam van het ding: Johnny 3.

Wat zou er eerst zijn gekomen voor Michael Henry McBrain, toen hij ergens in de jaren ‘60 opgroeide in de Londense wijk Hackney: het drummen of zijn voorliefde voor auto’s van het Britse merk Jaguar? Het toeval wil dat hij beide passies op de leeftijd van tien jaar ontwikkelde: de drummicrobe kreeg hij naar eigen zeggen te pakken nadat hij jazzdrummer Joe Morello van jetje had zien geven op televisie. Die voor de elegante vormen van een Jaguar erfde hij, ongeveer op dezelfde leeftijd, over van zijn vader, die helemaal wild liep van een Jaguar Mark X die hij eind jaren ‘60 zag passeren in de Britse hoofdstad.

Drummer, ingenieur, petrolhead

“Mijn pa draaide zich om en zei: “Dat is de mooiste auto die ik ooit gezien heb. Ooit zal ik er een hebben”.” Dat vertelde McBrain twee jaar geleden tegen de Amerikaanse krant The Wall Street Journal. “Toen ik geld begon te verdienen in de jaren ‘80 wou ik hem eindelijk zijn Mark X kopen, maar ik verloor hem in 1985. Hij heeft er nooit een in zijn bezit gehad.”

Ook voor McBrain zelf duurde het eventjes voordat hij zelf een Jaguar in huis zou halen. Eerst kwam de muziek: al vanaf zijn veertiende ging hij drummen bij Londense cafébandjes. Daarna maakte hij braaf zijn ingenieursstudie af, op vraag van zijn ouders. En daarna, in 1982, viel hij in bij metalgroep Iron Maiden, een tijdelijke gig die snel een permanente werd. Niet lang daarna kwamen de eerste Jaguars in zijn garage te staan.

Eddie Growler

In zijn huis in Boca Raton (Florida) heeft ‘Nicko’ McBrain, zoals hij sinds zijn intrede bij Iron Maiden wordt genoemd, inmiddels een indrukwekkende collectie modellen van de Britse autobouwer staan. Vijf jaar geleden voegde hij daar ook voor het eerst een op maat gemaakt model aan toe: samen met Jaguar-designer Wayne Burgess liet hij een speciaal model van de Jaguar XKR-S maken, dat hij na een idee van zijn vrouw Rebecca ‘Prissy Priscilla’ noemde, en dat een van de eerste wagens was uit Jaguars toen nog maar net opgestarte Engineered To Order-afdeling. Opvallend was onder meer het in ‘Bleu de France’ gelakte, glanzende koetswerk, de opschriften in het eigen lettertype van Iron Maiden, en vooral het ding dat het handelsmerk van McBrains Jaguar-collectie zou worden: de Eddie Growler. Speciaal voor McBrains XKR-S (een vijfliter V8 met een vermogen van 550 pk) werd Jaguars befaamde Growler-logo gemixt met het gezicht van Eddie, de ondode mascotte die op alle albumcovers van de groep prijkt. De beeltenis staat onder meer centraal op het stuurwiel en in de velgen, en zit ook op een min of meer subtiele manier in de binnenbekleding gestikt.

“Dat logo is iets heel unieks voor ons en voor hem, want zowel Jaguar als Iron Maiden waken als een moederkloek over hun merk”, zegt Jaguar-designdirecteur Wayne Burgess, die de auto ontwierp volgens de visie van McBrain. “Het was een precisiewerkje: de twee componenten moesten precies in elkaar passen. We vonden een gepaste synergie tussen de twee. Het toont ook aan hoe hands-on Nicko, die inmiddels een persoonlijke vriend is, in het hele proces is geweest: het hele ontwerp van de wagen was niet zomaar een werk in opdracht, het was een samenwerking.”

Derde Johnny

Die XKR-S was vijf jaar geleden, ondanks het feit dat hij inmiddels zelf tot de klassiekers van het merk behoort (de productlijn werd enkele jaren geleden stilgezet), de eerste Jaguar die McBrain nieuw kocht: alle modellen die hij daarvoor zijn garage binnenreed, waren tweedehandsmodellen die de 66-jarige drummer liefdevol een nieuw leven gaf. Maar hij bleef ook na die aankoop een voorliefde koesteren voor klassieke Jaguar XJ’s, een verzamelwerk waarop hij onlangs de kroon zette met de bestelling van een nieuwe op maat gemaakte wagen: hij liet een van zijn eigen XJ’s, een model uit 1984, optuigen zoals hij enkele jaren eerder met de XKR-S liet doen. Het werd zowel voor hemzelf als voor Burgess een ‘labour of love’, dat ze fier toonden op het Autosalon van Genève. “Dit is mijn ultieme XJ”, zegt McBrain. “Mijn derde. Ik noem hem liefdevol Johnny 3.”

Opgekalefaterd oudje

Vanzelfsprekend heeft de nieuwe XJ opnieuw de Eddie Growler als logo. Qua design is het XJ6-model tegelijkertijd een staalkaart van een halve eeuw Jaguar-design én een liefdesbrief aan McBrains geliefde metalmuziek. Je ziet het bijvoorbeeld aan de gechromeerde bumpers aan de voor- en achterkant. Aan de wielkasten, de led-koplampen die ondanks die moderne technologie ook een klassieke indruk achterlaten. Aan het felrode, schaamteloos kitscherige binnenwerk. Aan het zelfs op maat gemaakte audiosysteem, met knoppen die werden geïnspireerd door de draaiknoppen op gitaarversterkers. Het dashboard met invloeden van gefineerd esdoornhout, het materiaal waaruit ook McBrains drums zijn gemaakt. De pedalen lijken eveneens op die van een drumstel. Het lakwerk is in een uniek mauve.

Een aantal geconserveerde onderdelen komen van een oude XJ6 die McBrain op het landgoed van Iron Maiden-bassist Steve Harris had achtergelaten. Maar de afwerking – waarin 3.500 manuren werd gestoken bij de Classic Car-afdeling van Jaguar en waarvoor er 4.000 onderdelen werden bewerkt – is nieuw. Het tuig werd ook voorzien van een 4.2-liter zescilindermotor. “Het oorspronkelijke plan was om ook het originele chassis en koetswerk van Nickos XJ6 te gebruiken, en daarop een compleet nieuwe wagen te bouwen”, zegt Burgess. “We hadden een truck gehuurd om het wrak, dat zich ergens in Harris’ tuin bevond, mee te nemen. Maar toen we hem lostrokken, kwam de voorkant mee en bleef de achterkant staan. Hij was volledig doorgerot in het midden. Toen hebben we een plan B moeten kiezen: een wagen bouwen op een nieuwe carrosserie, en met dingen waarvan in 1984 nog verre van sprake was, zoals een boordsysteem met GPS. Maar wel met aan de binnenkant een aantal gerestaureerde onderdelen die uit de originele wagen kwamen.”

Drummer én Jaguar-fan

De Jaguar XJ6 en Nicko McBrain, twee legendes onder elkaar. “Er zitten veel verwijzingen naar zijn talent als drummer in de wagen”, zegt Burgess. “Die binnenbekleding in esdoornhout, bijvoorbeeld: niet alleen bleek dat geweldig voor de akoestiek, maar het refereert ook rechtstreeks aan hem als drummer. Hij heeft ondertussen ook de Eddie Growler op een van zijn drums laten drukken.”

Nicko McBrain, tweede van links

Het nieuwe, op maat ontwikkelde model balt dus de passie van de drummer en de Jaguar-fan in een voertuig samen. “De drums blijven mijn echte liefde”, opperde hij ten tijde van de aankoop van zijn XKR-S. “Maar de twee gaan bijzonder goed samen.” De drumvirtuoos slaagde er zelfs in om andere leden van het metalinstituut dat Iron Maiden is, te overtuigen om zelf een Jaguar in huis te halen. Zolang ze maar niet met de zijne rijden. “Dat is altijd de eerste vraag die ik krijg. Het antwoord is neen.”