Straffe verhalen

Kunstmatig intelligente systemen zoals Google Assistant en Amazon Alexa strijden al een jaar of twee voor een plaats in je woonkamer. Maar het Amazon-systeem ziet het breder: een handvol autoconstructeurs bouwt het in zijn nieuwe of toekomstige modellen in, zodat de AI als het ware met je meereist wanneer je op pad vertrekt.

“Alexa, zijn we er al?” Het is een volzin die autofabrikanten als Seat, BMW, Ford, Skoda, Toyota/Lexus en Volkswagen je binnenkort graag zullen horen uitspreken. Al die constructeurs zijn namelijk, ieder op hun eigen tempo, het artificieel intelligente systeem van technologiegigant Amazon aan het inbouwen in hun toekomstige boordsystemen. Het geeft een paar onvermoede, extreem handige toepassingen. Stel je bijvoorbeeld voor dat je het systeem gewoon gerichte vragen kunt stellen over je agenda, het weerbericht of obstakels op de weg, zonder dat je daarvoor je smartphone ter hand hoeft te nemen of hoeft te tokkelen op een touchscreen in de wagen. Het maakt het rijden, om te beginnen, al een pak veiliger.

 

Strijd der AI-systemen

Alexa is momenteel, samen met concurrenten Google Assistant en Apple Siri (of HomePod in huis), een bitse strijd aan het uitvechten in de woonkamer. Voorlopig is het die aan het winnen ook: in de Verenigde Staten, de belangrijkste markt waar alle AI-systemen al in woningen werden geïnstalleerd, heeft Amazons systeem een marktaandeel van 52 procent. Google volgt met 32 procent, Apple hinkt wat achterop met 12 procent. Door nu een volgende stap te zetten, naar ook de wagen van de consument, breidt Amazon Alexas armslag verder uit.

 

Niet zo slim

Heel intelligent is Alexa nog niet. Evenmin als Google Assistant of Apples voorlopig alleen op zijn smartphones en laptops werkende Siri: het vermogen van het systeem om gewone mensentaal te begrijpen, laat nog veel te wensen over. Bekijk, om te illustreren hoe lomp het systeem nog is, bijvoorbeeld dit filmpje maar eens, dat enkele maanden geleden de ronde deed op sociale media:

Maar de AI-systemen achter die producten worden slimmer en slimmer: de toestellen zelf zijn eigenlijk maar een WiFi-communicatiechip, een microfoon en een luidspreker in een kistje uit kunststof.

 

Meereizen

Een veel belangrijkere opsteker wordt echter Alexas vermogen om mee te reizen. Hoe Artificiële Intelligentie zich ook ontwikkelt de komende jaren, en hoe goed het jou als bestuurder ook zal leren kennen, het zal dezelfde, gepersonaliseerde Alexa zijn die mee de baan opgaat als degene die je thuis aanspreekt om – bijvoorbeeld – de lichten of de verwarming bij te stellen. “Je auto zal je herkennen en groeten”, zegt Leyre Olavarria, verantwoordelijk voor de infotainment- en Connected Car-afdeling bij de Spaanse fabrikant Seat. “Hij kent je voorkeuren en gidst je naar je favoriete bestemmingen en restaurants.”

 

Boost voor infotainment

Wanneer meer en meer automobilisten Alexa omarmen binnen hun wagen geeft dat ook een enorme boost voor de technologische ontwikkeling van de infotainmentsystemen. Die bleef tot nu toe mijlenver achter op die van lijftechnologie. Dat komt natuurlijk door de lange investeringscyclus: men doet veel langer met dezelfde wagen als met dezelfde telefoon, waardoor met name de touchscreentechnologie zich veel sneller heeft kunnen ontwikkelen in persoonlijke technologie. Ook zijn smartphones, tablets en laptops inherent geconnecteerd op mobiele en draadloze communicatienetwerken, terwijl wagens dat slechts met mondjesmaat zijn.

 

Verder groeien

Maar wanneer een wagen gewoon een communicatiechip, een luidspreker en een microfoon krijgt – hetzelfde als die slimme assistenten in huis, dus – dan kan een systeem als Alexa gewoon verder groeien zonder dat de hardware in de wagen dat hoeft te doen. Dieter May, directeur Digital Services and Business Models bij BMW, stelt het zo: “Door een digitaal ecosysteem toe te voegen aan onze wagens openen we onvermoede nieuwe mogelijkheden.”